15 49.0138 8.38624 arrow 0 both 0 4000 1 0 horizontal https://www.eenplekomteblijven.be 300 4000 - 0
theme-sticky-logo-alt

Schuld en boete: over het schuldgevoel van (on)duurzaam leven

Wie net als ik Dostojevski’s Misdaad en straf (alternatieve titel: Schuld en boete) op een verplichte leeslijst had staan en daar nog altijd niet van bekomen is (ik steek alvast mijn hand op), hoeft niet te vrezen. Dit artikel gaat niet over Russische romans. Het gaat wel over de concepten die in Dostojevski’s roman en titel centraal staan: schuld en boete, misdaad en straf – en dan in het bijzonder in de context van een (on)duurzaam leven. Ik stuitte de afgelopen tijd op een aantal artikels en Instagramposts die het gevoel van schuld bij het maken van een onduurzame beslissing ter discussie stellen en probeerde naar aanleiding daarvan mijn eigen schuldgevoel van wat naderbij te bekijken. Zijn wij een generatie die onterecht gebukt gaat onder de schuld van plastic rietjes, aangepaste eetpatronen en fast fashion? Of wijst die grote schuld vooral op een verantwoordelijkheid die we (nog) niet bereid zijn te aanvaarden?

Eind oktober schreef blogger Emily Clarkson een artikel over wat zij noemt “a generation racked with guilt”. In dat artikel, dat sindsdien viraal ging, beschrijft Clarkson een zogenaamd oneindige lijst van dingen waarvan ze weet dat die niet goed zijn voor de planeet, maar die ze toch niet uit haar leven kan of wil (een belangrijke nuance) bannen. Ze heeft het ook over het schuldgevoel dat die lijst met zich meebrengt. Ik was in eerste instantie blij met het artikel, vond dat het op bepaalde vlakken de nagel op de kop sloeg en een gevoel blootlegt dat bij veel (vooral) jonge mensen leeft. Ik was vooral blij omdat het artikel aanzet gaf tot een bredere discussie omtrent duurzaamheid en individuele verantwoordelijkheid, omdat het mensen aan het denken zet, in welke richting dan ook. Ik apprecieerde de humoristische toon en zelfspot van de auteur. Ik vond (en vind) het artikel tezelfdertijd ook problematisch.

Het schuldgevoel dat Clarkson in haar artikel omschrijft, verschilt radicaal van het mijne. Als een vriend haar duidelijk maakt dat haar strijd tegen plastic rietjes niet opweegt tegen de bestellingen die Amazon binnen een paar uur aan haar voordeur aflevert, is dat voor haar “een van de vele dingen die ze aan haar lijst kan toevoegen”. Nog iets waar ze rekening mee moet houden, zeg maar. Dat getuigt voor mij in de eerste plaats van een behoorlijke naïviteit. Als je je enigszins in duurzaamheid verdiept hebt (of als je even logisch nadenkt), moet je beseffen dat rietjes slechts een symbool zijn. Een hip symbool weliswaar, maar een symbool nonetheless. De echte onduurzaamheid van onze levensstijl zit in een economisch systeem dat door de huidige invulling ervan voornamelijk gericht is op zoveel mogelijk winst op een zo kort mogelijke termijn. Daarbij spelen bedrijven in op en/of creëren een gevoel van gemakzucht bij de consument, die het intussen gewoon geworden is dat alles waar hij/zij maar van kan dromen binnen de 24u aan huis geleverd wordt, liefst aan dumpingprijzen. Plastic is goedkoop, plastic is gemakkelijk. De plastic rietjes die Clarkson zo trots weigert, verschillen in wezen dus niet van de warmwaterfles die twee uur na haar bestelling aan haar voordeur geleverd wordt. Beide zijn deel van hetzelfde probleem; een probleem dat ervoor zorgt dat we deze aarde stilaan naar de vernieling helpen. Dat moet je nu eenmaal onder ogen zien. Ik doe zelf heus niet alles perfect – dat zul je mij ook nooit horen beweren -, maar ik ben me wel bewust van het grotere, overkoepelende plaatje. Dat inzicht is belangrijk om verschillende kleine problemen waar je als consument tegenaan loopt (rietjes, Amazon) een plaats te kunnen geven. En het geeft een ander perspectief aan dat gevoel van schuld.

Omdat Clarkson weigert plastic zakjes te gebruiken in de supermarkt, vond ze op een dag een blikje tonijn in haar jaszak – een herinnering aan die keer dat ze haar eigen herbruikbare tas vergat en haar handen vol had om haar boodschappen thuis te krijgen. Wetende dat tonijn een van de meest onduurzame vissoorten is die je kan eten en dat het grootste deel van het plastic afval in de oceanen afkomstig is van visnetten, is die zin natuurlijk enigszins problematisch. Als je dat eenmaal beseft, zal je misschien niet meer zonder schuldgevoel tonijn kunnen eten, maar het zet je anderzijds misschien wel aan tot een meer duurzame optie. Zorgt de schuld die schuilgaat achter zo’n blikje tonijn dan voor winst of verlies? Meer kennis en het schuldgevoel dat daarmee gepaard gaat, hoeft niet per se als iets negatiefs gedefinieerd te worden. Schuld kan ook een motor zijn die een positieve impact heeft op je leven, en op de wereld. Naar mijn gevoel wordt veel bepaald door het perspectief dat je inneemt: denk je al snel “god, nu mag ik dit ook niet meer”, of denk je “dan wil ik in de toekomst liever iets anders eten”?

Tweede kanttekening. Bij het lezen had ik voortdurend het gevoel dat Clarkson het schuldgevoel bij elke nieuwe ontdekking (elke nieuwe aanvulling op “de lijst”) niet bij zichzelf legt, maar bij de boodschapper ervan. Als ze via Twitter te weten komt dat een van haar lievelingscosmeticamerken besluit om vanaf nu in China te verkopen (en op die manier dus toestaat dat hun producten op dieren getest worden), omschrijft ze Twitter als “a hotbed of information that will inevitably leave you racked with guilt”. Alsof het probleem niet zit in de beslissing van het merk, maar in het feit dat die informatie haar nu bereikt heeft. Toevallig had ik enkele weken voorheen een product gekocht van datzelfde merk, niet wetende dat hun China-policy intussen gewijzigd was. Toen ik ontdekte dat het merk intussen dus niet meer cruelty-free is, voelde ik me niet schuldig. Ik was a) blij dat ik die informatie gekregen had en b) besloot om vanaf nu dus niets meer van het merk te kopen. Schuldig zou ik me pas voelen als ik, wetende dat het merk niet langer strookt met mijn normen en waarden, toch nog een product van hen zou kopen.

Schuldgevoel is trouwens iets heel persoonlijks. Wat ik wel en niet oké vind, heb ik zelf bepaald. Iemand anders heeft andere morele grenzen, en dat is prima zo. Ik heb voor mezelf nu eenmaal een aantal lijnen getrokken waar ik niet over wil, omdat ik weet dat ik me er per definitie niet goed bij zou voelen als ik dat wel doe. Omdat ik me niet alleen schuldig, maar ook niet langer mezelf zou voelen als ik over die lijnen stap. Ik heb die lijnen getrokken op basis van mijn eigen morele kompas, een kompas dat weliswaar beïnvloed wordt door de informatie waarover ik beschik en de mensen in mijn naaste omgeving, maar het blijft mijn eigen aanvoelen. Als ik me schuldig voel omdat ik een beslissing neem of een aankoop doe waarvan ik weet dat die niet 100% ‘juist’ is, voel ik dat aan als een intern schuldgevoel. De verantwoordelijkheid die daarmee gepaard gaat, leg ik daarbij dus grotendeels bij mezelf, niet bij degene die mij de informatie heeft bezorgd waardoor ik nu met meer kennis van zaken een beslissing kan nemen. In de reacties op het artikel ging het geregeld over “internal guilt that comes from external sources such as the media, our peers, and activists”, maar op die manier leg je opnieuw de oorzaak van je gevoel bij de boodschapper, terwijl het eigenlijk de wantoestanden an sich zijn die je een wrang gevoel geven. Had je het liever niet geweten of had je liever gehad dat er niets te weten viel? Als je de vinger op je eigen schuldgevoel probeert te leggen, lijkt dat me een belangrijke vraag. Datzelfde “I’d rather shoot the messenger” gevoel ligt wat mij betreft ook vaak aan de basis van discussies rond vegetarisme en veganisme en is misschien wel exemplarisch voor een houding die we in onze samenleving vaak innemen ten opzichte van informatie die we liever niet krijgen.

Iets dat niet in het artikel vermeld wordt, maar wat mij betreft wel passend was geweest, is de tendens naar de vermarkting van schuld. Aangezien duurzaamheid de laatste jaren terecht een steeds belangrijker onderwerp is geworden, spelen merken en winkels ook steeds vaker direct in op het schuldgevoel dat mogelijk gepaard gaat bij het maken van een aankoop. Winkels en merken promoten zichzelf nu als zijnde ‘guiltfree’, een label waar ik nogal weigerachtig tegenover sta. Als je beweert dat jouw producten en bij uitbreiding de persoon die het koopt, ‘guiltfree’ zijn, beweer je tegelijk ook dat personen die iets anders kopen dat niet zijn. Of dat nu klopt of niet, wil ik graag even terzijde laten. Het gaat er mij vooral om dat je in zo’n geval mensen wel degelijk vanuit een extern moreel oordeel een slecht gevoel geeft. In plaats van dat je mensen bepaalde informatie biedt op basis waarvan zij zelf een oordeel en een keuze kunnen maken, probeer je dat oordeel al op voorhand aan mensen op te dringen. Ik vind dat niet alleen niet oké, ik ben er ook van overtuigd dat het niet helpt. Zo vind ik dat het niet aan mij is om te bepalen hoe het morele kompas van iemand anders eruit ziet. Het enige dat ik kan en wil doen, is de informatie delen waarover ik beschik en indien iemand erom vraagt, mijn mening geven. Ik zal niet voorschrijven wat iemand al dan niet moet doen of welke beslissingen die persoon moet maken. Ik zal iemand zeker niet met een schuldgevoel belasten omdat die nu eenmaal andere beslissingen neemt dan ikzelf.

Ik ben geen veganist geworden omdat mensen mij maar bleven verwijten dat ik dieren at en leer droeg en daardoor een slecht mens was, ik ben veganist geworden omdat ik mezelf geïnformeerd heb en op basis van die informatie een keuze heb gemaakt die op dat moment het dichtst bij mezelf lag. Ik ben ervan overtuigd dat negatieve externe druk (niet te verwarren met correcte informatie) maar zelden zal leiden tot een weloverwogen, individuele keuze. Ik kocht onlangs een trui van een niet meteen heel duurzaam modemerk, omdat ik een soortgelijke trui niet vond bij kringwinkels of duurzame modelabels (en ik er ook geen 200 euro aan wilde spenderen). Is die trui objectief gezien de meest ‘schuldvrije’ keuze? Waarschijnlijk niet. Voel ik me er schuldig bij? Neen, omdat ik weet dat ik moeite doe om zo duurzaam mogelijk te winkelen en ik goed voor deze trui ga zorgen. Zit ik te wachten op iemand die mij komt vertellen hoe ‘slecht’ deze keuze was? Liever niet. Krijg ik graag informatie over de negatieve impact van de kledingindustrie? Graag, met hopen. Bovendien is ‘guiltfree’ geen beschermde term. Het komt er dus maar op neer wat je als ‘schuldvrij’ beschouwt.

Zijn wij een generatie die onterecht gebukt gaat onder een schuld die vorige generaties ons hebben nagelaten? In wezen is het een irrelevante vraag. De vraag op die manier stellen legt niet alleen (opnieuw) de schuld en de verantwoordelijkheid bij een ander, het minimaliseert ook de kracht die onze generatie heeft om te kiezen voor een ander, duurzamer leven. Het is een vraag die te negatief geformuleerd is en voor mij vooral een onwil aantoont om andere keuzes te maken. Die onwil hangt vaak samen met een gebrek aan kennis – of met het weigeren om die kennis te aanvaarden. Als ik me slecht voel omdat ik een bepaalde keuze heb gemaakt, weet ik dat ik het in de toekomst anders moet doen. Ik beschouw mijn schuldgevoel als een richtingaanwijzer. Ik ga er niet onder gebukt, maar probeer het te zien als een positieve kracht. De negatieve lading van schuld ontstaat in deze kwestie, denk ik, vooral wanneer zo’n schuldgevoel extern op iemand geprojecteerd wordt. Niet door middel van informatie, maar door middel van een oordeel. Als je als veganist vleeseters zonder meer verwijt dat ze moderne nazi’s zijn, zoiets. Het komt er voor mij op neer dat iedereen voor zichzelf moet bepalen waar hij/zij zich prettig bij voelt. Als je omwille van bepaalde gezondheidsproblemen niet anders kan dan vlees te eten, hoef je je daar heus niet schuldig om te voelen. Je kan weliswaar kiezen voor de minst vervuilende vleessoorten, maar uiteindelijk ligt die keuze bij jou, niet bij iemand anders. Als je graag bijdraagt aan een duurzamere wereld, moet je echter wel beseffen dat het niet zal volstaan om enkel plastic rietjes en zakjes te blijven weigeren. Zo’n rietje wordt op den duur een aflaat om je eigen schuld mee af te kopen, zodat je trots tegen je vrienden kan zeggen dat je heus je best doet om duurzamere keuzes te maken. Het gaat immers lang niet alleen om rietjes, het gaat om de invulling van een systeem dat dringend aan verandering toe is. Als rietjes en plastic zakken weigeren momenteel het enige is dat je kan doen, is dat natuurlijk prima, maar het mag geen eindstation zijn in een duurzame reis die er enkel toe dient om naar jezelf en de buitenwereld toe je geweten te sussen.

Fotocredits: Nathan Dumlao via Unsplash.

-2 Comments-

  • November 16, 2018 at 11:18 am

    Mooi artikel heb je geschreven. Ik ben de laatste tijd ook veel met dit thema bezig, en mijn eigen gevoel erbij. Soms, en ik denk dat veel anderen dat hebben, kan ik er wel moedeloos van worden dat je nooit alles goed doet, en dat grote bedrijven nog steeds elke dag onduurzame keuzes maken, waar wij weinig inspraak in hebben. Maar verandering begint altijd bij jezelf, zo probeer ik het dan te beschouwen. (Kijktip trouwens, weet niet of je bij Nederlandse televisie kan, maar de EO zendt nu het programma Genaaid uit, waarin jonge modeontwerpers naar de landen afreizen waar de fast-fashion gemaakt wordt)

    • November 16, 2018 at 5:01 pm
      Sigrid

      Bedankt voor je reactie, Inge! Ik begrijp wat je bedoelt. Die moedeloosheid ervaar ik ook, maar die probeer ik los te koppelen van een schuldgevoel. Er zijn nu eenmaal een aantal dingen waar we als consument weinig aan kunnen veranderen. Wat, zoals je zegt, niet wegneemt dat verandering inderdaad bij jezelf begint. Ik had er via Instagram inderdaad al een aantal dingen over gelezen! Bedankt voor de tip. De eerste aflevering heb ik alvast gemist. Hopelijk kan ik die nog ergens herbekijken 🙂

Leave a Reply