15 49.0138 8.38624 arrow 0 both 0 4000 1 0 horizontal https://www.eenplekomteblijven.be 300 4000 - 0
theme-sticky-logo-alt

A Beginner’s Guide to a Conscious Lifestyle: Mode

In deze ‘Beginner’s Guide to a Conscious Lifestyle’ probeer ik per categorie uit te leggen hoe je op een toegankelijke en eenvoudige manier aanpassingen kunt maken om je manier van leven een beetje duurzamer te maken. Ik geloof heus dat meer mensen in principe duurzamere keuzes zouden willen maken als ze de juiste informatie ter beschikking hadden en dus wisten hoe. ‘Duurzaamheid’ is vaak zo’n containerbegrip dat het op den duur moeilijk wordt om er niet door overweldigd te raken. Met alle informatie en non-informatie (‘greenwashing’, I see you) om je heen, wie ziet tegenwoordig door het bos de bomen nog? In deze inleiding tot een bewust en duurzaam leven geef ik daarom per categorie een overzicht van waarom duurzame keuzes belangrijk zijn en hoe je die keuzes op een makkelijke manier in je eigen leven kan implementeren. Niet omdat ik het zelf allemaal tot in de perfectie onder de knie heb, maar omdat ik ook een beginner ben die andere mensen graag wil helpen en tonen dat een groener leven echt niet zo onbereikbaar, saai of moeilijk is. Vandaag de eerste: mode. Neem er alvast een kop thee of koffie bij. It’s going to be a long one.

Toen ik zelf begon na te denken over de ethische consequenties van mijn levensstijl en de negatieve impact daarvan op de wereld, was mode een van de eerste vlakken waar ik op focuste. Ik had Talking Dress gelezen van Marieke Eyskoot, een boek dat ik nog altijd zou aanraden, en wist daardoor 1) wat er schortte aan de huidige modewereld, maar ook 2) hoe ik daar zelf iets aan kon doen. Bovendien leek mode me iets waar je vrij makkelijk betere keuzes in kan maken. Zonder het belang en de kracht van kledij te onderschatten, dacht/denk ik: het is tenslotte maar kleding. Als je in een verlaten dorp op het Limburgse platteland woont (geloof me, ik weet waar ik over spreek) en je elke dag de auto moet nemen naar je werk omdat het openbaar vervoer zo slecht georganiseerd is, is het moeilijk om op vlak van mobiliteit te verduurzamen. Maar een biokatoenen t-shirt aantrekken van een duurzaam en ethisch merk in plaats van een polyester hemdje uit de Primark, dat kunnen de meeste mensen vermoedelijk wel. In deze post vertel ik je eerst waarom die keuze voor zo’n biokatoenen t-shirt van een mooi merk nu zo belangrijk is. Vervolgens geef ik je tips die je helpen om in de toekomst bewustere keuzes te maken als het op je garderobe aankomt.

Begripsontwarring: fast fashion? slow fashion? conscious fashion? duurzame mode? ethische mode?

Om even het een en het ander van elkaar te kunnen onderscheiden, leek het me wel op zijn plaats om de meest gangbare begrippen in het duurzame mode-discours op een rijtje te kunnen zetten. In het belang van de duidelijkheid, zeg maar. Dat blijkt niet altijd even gemakkelijk. Begrippen worden vaak door elkaar gehaald, geherdefinieerd, verbreed of onterecht gebruikt. Uit mijn onderzoek (klinkt zo professioneel) kon ik min of meer volgende definities afleiden.

Fast fashion, het tegenovergestelde van slow fashion, wordt geassocieerd met wegwerpgedrag (kledij van lage kwaliteit die niet lang meegaat) en oneerlijke handel en is dus ethisch noch duurzaam. Fast fashion is ontstaan in de jaren ’70 van de vorige eeuw toen de productie van kleding werd overgeheveld van het land van herkomst van het merk naar ontwikkelingslanden, meestal in Azië. De term ‘fast’ refereert naar de zich snel opvolgende collecties goedkope kleding. De snelheid waarmee die kledij geproduceerd wordt, heeft een negatieve impact op het milieu (denk maar aan de CO2-uitstoot, het waterverbruik, productie van synthetische materialen) en op de mensen die die kledij maken. Arbeiders in fabrieken die fast fashion produceren, werken onder erbarmelijke omstandigheden (dagenlang werken voor laag loon, onveilige omgeving, vrouwen worden lastiggevallen).

Slow fashion is een term die in 2007 geïntroduceerd werd door Kate Fletcher. Zij omschrijft de term als: “Fashion conceived of from a different starting point to growth, consumerist fashion. It represents a changed point of departure for fashion with different values, goals and objectives.” Slow fashion, ontstaan uit dezelfde hang naar traagheid als de slow food movement, stimuleert een trager productieproces, eerlijke lonen en een lagere voetafdruk. Het gaat om tijdloze collecties met kleding van hoge kwaliteit die lang meegaat. De omgekeerde definitie dus van fast fashion. Slow fashion staat voor een productiewijze die respect toont voor milieu, mens en dier. Dat betekent niet dat slow fashion veganistisch is (integendeel zelfs), maar over het algemeen voldoen de dierlijke producten die in de kledingstukken gebruikt worden (wol, zijde, leer) aan kwaliteitslabels die veronderstellen dat dieren volgens een bepaalde norm behandeld zijn (of dat dan werkelijk zo is, is een andere discussie). Over het algemeen wordt slow fashion dus gebruikt als een overkoepelende term voor mode die ethisch en duurzaam is. Dat wil echter niet zeggen dat iedereen de term met die inhoud gebruikt. Slow fashion wordt soms ook gebruikt (door merken bijvoorbeeld) om specifiek te verwijzen naar de kwaliteit van kledingstukken, naar kledingstukken die niet trendgevoelig zijn en lang meegaan. Maar de kwaliteit van een kledingstuk zegt natuurlijk niet alles over de duurzaamheid ervan en al helemaal niets over het ethische karakter van het merk. Daarom kies ik zelf liever voor het woord conscious fashion – bewuste mode, die eerlijk, duurzaam en transparant is. Conscious fashion drukt voor mij een bewustzijn uit dat alomvattend is.

Tussen ethische en duurzame mode heerst vaak begripsverwarring. Deze termen zijn, zoals dit artikel van When Sara Smiles duidelijk maakt, geen synoniemen. Fair fashion wordt onder eerlijke arbeidsomstandigheden geproduceerd, maar is daarom niet per definitie duurzaam. Die arbeidsomstandigheden zeggen immers niets over het gebruik van materialen, het productieproces of het transport van de producten. Zo drukken merken die aangesloten zijn bij de Fair Wear Foundation een engagement uit tot een gecontroleerd en transparant proces dat de werkomstandigheden in confectie-eenheden wil verbeteren. Dat engagement heeft dus ethische implicaties (je kan ervan uitgaan dat de mensen die jouw kledingstuk gemaakt hebben goed behandeld werden) en staat los van de inspanningen die een merk al dan niet doet op vlak van duurzaamheid. Een voorbeeld: als je bij JBC een top koopt, kan je er zo ongeveer van op aan dat aan die top geen moderne slavernij vooraf is gegaan, maar die top kan nog steeds gemaakt zijn van polyester, gekleurd met een verf die giftig is voor de verver (en voor jou) en het resultaat van een productieproces waar veel energie en water aan verloren zijn gegaan. Begrijp me niet verkeerd: fair fashion is zeker een stap in de goede richting, maar het is niet de totale oplossing.

Duurzame mode richt zich dan weer op materiaalgebruik (synthetische vs. organische materialen, gerecycleerde materialen, lage impact op het milieu, natuurlijke verf), het productieproces (energie, water, andere milieu-impact) en transportwijze. Kanttekening daarbij: ‘duurzame’ collecties van grote ketens (als h&m bijvoorbeeld) zijn vaak enkel duurzaam in het gebruik van materialen, maar het productieproces is net zo vervuilend als het geval is voor hun reguliere lijn. Je hoort me bovendien al aankomen, als een merk zich enkel profileert als duurzaam, zegt dat niets over de arbeidsomstandigheden in hun fabrieken. Ook hier geldt dat duurzame lijnen van grote merken niet ethischer zijn dan hun niet-duurzame lijnen.

Met dit globale overzicht kom je al een heel eind, maar onthou dat deze termen rekbaar zijn en vaak in verkeerde contexten gebruikt worden. Denk aan een enge definitie van slow fashion, de verwisseling van fair en sustainable fashion, greenwashing door grote ketens die je willen laten geloven dat hun kleding zogenaamd duurzaam is. Blijf dus kritisch ten opzichte van de begrippen die gebruikt worden. Doe je eigen onderzoek naar de normen en waarden van een bedrijf. Ga na welke bewijzen ze tegenover die mooie woorden kunnen plaatsen.

Waarom is conscious fashion zo belangrijk?

In grote lijnen kan je het antwoord op die vraag al in de definiëring van de begrippen terugvinden, maar ik som de belangrijkste redenen nog even op:

  • Texiel is na olie de meest vervuilende industrie ter wereld. Om maar een voorbeeld te geven: 40.000 tot 50.000 ton textielverf (die bovendien ook nog eens enorme hoeveelheden giftige stoffen bevat) wordt per jaar in rivieren geloosd. Die cijfers liegen er niet om. Textielverf is de tweede grootste vervuiler van proper water ter wereld, na landbouw. Veel van de chemicaliën waarmee kledij wordt bewerkt of geverfd, is in westerse landen trouwens verboden of slechts in beperkte mate toegelaten, net omdat ze zo giftig zijn (volgens sommige studies verstoren ze de hormoonbalans en zijn ze kankerverwekkend). De kledingindustrie omzeilt dat probleem natuurlijk door het naar de andere kant van de wereld te verplaatsen. Wat daar gebeurt, zien wij immers toch niet – die mentaliteit.
  • Polyester is een van de meest gebruikte stoffen in de mode-industrie. Als je kleding van polyester thuis in je wasmachine wast, komen er microvezels los die via de waterleiding uiteindelijk in de zee en de oceanen terecht komen en zo bijdragen aan de immense plastic soep die daar al aanwezig is. Polyester wordt bovendien gemaakt van olie. De productie ervan kost veel energie en water en zorgt ook voor enorme hoeveelheden gifstoffen die vrijkomen. Het duurt tot wel 200 jaar voordat polyester op de vuilnisbelt begint te vergaan. Maar het is goedkoop, en dat is wat voor veel bedrijven van tel is.
  • Een logische consequentie van de fast fashionindustrie is de enorme hoeveelheid textielafval die ontstaat. De industrie doet mensen geloven dat ze steeds meer kledij nodig hebben, kledij die bovendien lang niet zo kwalitatief is. Door het gebrek aan kwaliteit en de wegwerpmentaliteit die gestimuleerd wordt, bewaren mensen hun kleding minder lang. Ze gooien het weg. Maar ‘weg’ bestaat niet. Die kledij komt uiteindelijk in een afvalberg terecht. Vaak ook weer aan de andere kant van de wereld.
  • De meeste kleren van fast fashion merken worden ontworpen om uit elkaar te vallen. De kledingindustrie is een weggooi-industrie geworden. Die vicieuze cirkel van goedkope kleding die snel vervangen wordt (zij het omwille van de kwaliteit, of omdat de lage prijzen mensen ertoe aanzetten sneller nieuwe kledij te kopen), waardoor je moet blijven kopen, is voor fast fashion merken een succesvol businessmodel gebleken.
  • Goedkoop bestaat niet. Jij betaalt misschien niet veel als je een kledingstuk in een fast fashion winkel koopt, maar iemand anders betaalt die prijs voor jou. De echte kostprijs van een t-shirt van vijf euro zit in de lage lonen, gevaarlijke werkomstandigheden en de miserie veroorzaakt door de immense druk van merken die hun kleding aan de laagst mogelijke prijs in de winkels willen hangen.
  • De meeste grote ketens (Zara, Mango, h&m, noem maar op) bieden tot wel 50 collecties per jaar aan. Die stortvloed aan collecties betekent niet alleen dat werknemers van fabrieken onder enorme druk komen te staan om die collecties op tijd te produceren, het betekent ook dat er op vlak van duurzaamheid natuurlijk overal bespaard wordt. Kledij moet zo snel mogelijk tegen een zo goedkoop mogelijke prijs geproduceerd worden. Dan is er natuurlijk weinig ruimte voor eerlijke lonen en wordt er vooral gedacht aan de goedkoopst mogelijke stoffen en productie.

Ik kan zo nog wel even doorgaan, maar je begrijpt wel waar ik naartoe wil. Er zijn oneindig veel redenen om deze industrie niet te steunen. Het goede nieuwe is dat dat kan! Stemmen met je portemonnee, bijvoorbeeld. Door kledij te kopen van merken die hier niet aan mee willen doen en je geld niet langer te besteden aan winkels die alleen maar rijker worden door moderne slavernij en milieuverontreiniging. Wist je trouwens dat Amancio Ortega, de eigenaar van Inditex (waartoe bv. Zara behoort), een van de rijkste mannen ter wereld is? En dat die dus zijn kapitaal vergaard heeft met de praktijken die ik hierboven heb opgesomd?

Tips om in de toekomst bewustere keuzes te maken in je kledingkast

Met stip op een: blijf jezelf informeren. Ik kan nu wel opsommen waarom het allemaal zo belangrijk is om niet voor fast fashion te kiezen, maar na een tijd vervaagt die boodschap. Ik kan het weten. Nadat ik Talking Dress gelezen had, dacht ik: ik loop nooit meer een fast fashion keten binnen! En waar was ik een paar maanden later? Juist, ja. Het is nu eenmaal heel verleidelijk om goedkope kleding te kopen, daar kan niemand onderuit. De blanke mannen aan het hoofd van die ketens zijn niet voor niets zo rijk geworden. Als je je eigen koopgedrag blijvend wilt veranderen, is het daarom belangrijk dat je je omringt met mensen die dat ook doen. Dat hoeft heus niet in real life, maar kan makkelijk online. Volg mensen op Instagram die ook met conscious fashion bezig zijn, lees blogs over duurzame en ethische mode (When Sara Smiles is bijvoorbeeld een hele goeie). Je kan er ook over lezen. In dat geval raad ik Talking Dress en Dit is een goede gids van Marieke Eyskoot aan. Of kijk de documentaire The True Cost, staat gewoon op Netflix. Het omgekeerde geldt trouwens ook: als je op Instagram alleen maar mensen volgt die elke dag naar Zara en Topshop gaan, zal je ook sneller in de verleiding komen om dat ook te doen.

Kijk goed wat er al in je kledingkast hangt. Conscious fashion betekent niet dat je in een keer twintig stuks gaat kopen van een duurzaam en ethisch merk, maar veronderstelt in de eerste plaats een mentaliteitswijziging. Je hebt niet voortdurend iets nieuws nodig. Waarschijnlijk heb je de meeste dingen al. En heb je nu echt tien broeken met stippen nodig? (Ik kijk naar mezelf.) Volgens Eyskoot is “een van de eerste plekken waar je duurzame kleding kunt vinden, […] je eigen kast. Hoe langer je doet met wat daarin zit, hoe beter.” Om een goed overzicht te krijgen van wat er eigenlijk al in je kast hangt, leg je bijvoorbeeld de inhoud van je kast integraal op je bed en hang je de kledingstukken systematisch terug. Op die manier zie je beter wat je wel en niet hebt.

Als je nog een kledingstuk mist of toch gewoon graag iets nieuws wilt kopen, kijk dan eerst bij tweedehands winkels of bij conscious fashion merken. In zekere zin is tweedehands kopen de meest duurzame oplossing. Die kleding is er immers al – er gaan geen nieuwe grondstoffen aan verloren, er gaat geen productieproces aan vooraf. Als je winkelen in fysieke tweedehands winkels moeilijk of overweldigend vindt (zoals ik), kijk dan eens op online platformen als United Wardrobe of Vestiaire Collective. Met beide websites heb ik goede ervaringen. Als je in tweedehands winkels niet vindt wat je zoekt of graag een leuk merk steunt, kijk dan eens op deze lijst voor een uitgebreid aanbod aan duurzame en ethische mode. Mijn persoonlijke favorieten zijn People Tree, Armedangels en P.i.C Style, allemaal zowel ethisch als duurzaam.

Ongeacht of je nu tweedehands koopt, shopt bij een bewust merk of toch gewoon een bezoekje brengt aan de grote ketens, stel jezelf altijd de vraag: ga ik dit meer dan 30 keer dragen? De #30wears regel helpt je om miskopen te voorkomen. Uiteindelijk is een aankoop van een duurzaam merk dat vervolgens jaren in je kast blijft hangen zonder gedragen te worden helemaal geen duurzame aankoop. Vind je iets bij een merk dat niet per definitie duurzaam of ethisch is, maar waar je zeker van bent dat je het vaak zal dragen, van goede kwaliteit is en je er niet meteen een duurzaam en/of ethisch equivalent voor vindt: koop het dan toch. Een tweede tip, ongeacht waar je koopt: kijk naar de materialen. Probeer polyester te vermijden, vooral als het kledingstuk gemaakt is van een mix van verschillende stoffen. Door die mix wordt het immers heel moeilijk om het materiaal te recyclen. Over het algemeen zou ik aanraden om natuurlijke stoffen boven synthetische stoffen te verkiezen, al zijn er natuurlijk altijd uitzonderingen op die regel. Ga voor jezelf na wat jij belangrijk vindt. Zelf koop ik uit ethische overwegingen liever geen leer meer, ook niet tweedehands, maar ik zou wel een tweedehands trui met wol verkiezen boven een nieuwe, synthetische trui.

Tot slot, draag zorg voor je kleding. Weird fact, ik hou zelf nogal van het proces van kleren wassen, maar ik besef dat dat niet voor iedereen geldt. Kijk altijd naar de labels voor je een kledingstuk wast. Die informatie staat daar meestal niet voor niets. De meeste kledingstukken kan je trouwens prima op 30° of zelfs koud wassen, tenzij ze heel vuil zijn misschien. Op die manier is het wasproces minder intensief voor je kleding en bespaar je ook op water en energie. Hang je kledij nadien netjes op of leg het in je kast, afhankelijk van het kledingstuk. Hier ben ik zelf iets minder goed in. Als kledingstukken kapot gaan, probeer ze dan eerst te herstellen. Probeer het zelf, of ga naar een retouchezaak of schoenmaker. Als je bedenkt welke weg je kleding heeft afgelegd vooraleer het in je kast terecht kwam, is het die zorg tenslotte wel waard. Toch?

Heb je na het lezen van dit artikel nog vragen over bewuste mode? Laat dan een comment achter, stuur me een mailtje of een bericht op Instagram! En een laatste tip in de marge, misschien wel de belangrijkste: als je nu denkt ‘misschien toch maar iets aan mijn koopgedrag veranderen’, heb er dan vooral plezier mee. Plezier hebben in wat je doet, is de beste manier om iets vol te houden.

-0 Comment-

Leave a Reply